Recensie album Elektrisch Vuur op de site van Folksforum.nl door Henk (juli 2006)

Begin vorig jaar verrastte de Groningse band Lister met haar debuutalbum Cold Start. De dynamische en soms hypnotiserende Oost-Europees gekleurde garagefolk van toen is op de opvolger Elektrisch Vuur verder uitgewerkt tot nog  avontuurlijker, spannender muziek, meest uit eigen koker.
Een Lister is een oude dieselmotor met een ploffend geluid. Bij de bespreking van het debuutalbum stelden we dat de band haar naam alle eer aandeed met de 'ploffende' alsmaar genadeloos doorraggende garage-rockachtige gitaren. Dat is nog steeds het geval, maar minder nadrukkelijk. Dit album klinkt weliswaar nóg energieker, maar ook aangenaam subtieler. Er staan enkele bijzonder knappe compisities op zoals Rooibos en het titelnummer waarmee Lister internationaal voor de dag kan komen.
Virtuose en fluwelen klanken op viool of cello worden contrastvol maar tegelijk vanzelfsprekend geschraagd door een stuwende akoestische of elektrische gitaar die soms noisi klinkt. Samen met een rudimentaire bas leidt dat ook wel tot een lekkere tranceverwekkende drone. Af en toe hoor je een baglama (Turkse langhalsluit) of een orgeltje. Het hele album is instrumentaal, maar een enkele keer worden de stemmen als ondersteunend instrument aangewend. Hoewel Drie Kersen flink steunt op een la-la-la-koortje. Waar dit nummer iets té licht dreigt te worden tillen een paar gedurfde dissonantjes het weer op.
Na de opnames van Cold Start eind 2004 is de bezetting van Lister ingrijpend gewijzigd. De violiste, accordeoniste en bassiste vertrokken. Dick Toering, de spil/gitarist/componist van de groep, wordt sindsdien bijgestaan door bassist Henk Klijn Hesselink (ook Korsokov) en vioolleraar Hans Battenberg (die ondermeer meespeelt op de cd Linde Nijland sings Sandy Denny) op viool, elektrische viool, altviool en elektrische cello.  
Toering is verantwoordelijk voor de meeste composities. Violist Battenberg neemt er twee voor zijn rekening waaronder Vuilnisbak Anders dat hij schreef samen met Johan Keus, een gitarist met wie hij samenspeelde in het project Dylan yn it Frysk van Ernst Langhout. Er staan ook twee traditionals op: de uit Roemenië afkomstige gigue Suite de Muntenië (ingeleid met een indrukwekkende avantgardistische prelude) en Smeceno Horo, een Bulgaarse traditional die we al eens hoorden op het album After the Break van Planxty. Battenberg onderstreept in de Lister-versie zijn virtuositeit op fiddle, maar de typische Lister-sound wordt toch weer bepaald door de gitaar van Toering. Deze energieke ritmegitarist toont een voorkeur voor open stemmingen en accoorden, met veel 'drones'. Samen met de bassist weet Toering met die aanpak -  zonder drums - toch een strakke meeslepende basis te leggen overlopend van spanning uit progressieve avantgardistische rock. Ritmes en strijkwerk Links naar oosteuropese traditionele muziek, maar er dringt evengoed klassiek in door of iets Keltisch. Zo vlechten ze door het Balkangeörienteerde Bart de Houtman plots inventief flarden van een Iers deuntje. 
In twaalf nummers van bij elkaar bijna een uur instrumentale muziek slaat de verveling geen moment toe. Deze groep heeft een duidelijk eigen geluid en is absoluut een aanwinst voor de Nederlandse folk.